SL-Taal Groep 7 oefenen

2026 · Groep 7 Basisschool · Taal

Dit boek is beschikbaar in onze boekselector. De aansluiting betreft de gekoppelde Slimleren-onderwerpen, niet automatisch alle leerstof uit het boek.

Bekijk de onderwerpen bij dit boek

Zo oefen je Gevorderd - aanwijzend voornaamwoord

Een kijkje in ons eigen oefenmateriaal. Dit is geen opgave of uitwerking uit het schoolboek.

  Voorbeeldvraag

Welk aanwijzend voornaamwoord hoort in welke zin te staan?

a. Theo legde ..... (1) vraagstuk in een handomdraai aan Annemarieke uit.
b. De president was het ermee eens dat de uitvoering van ..... (2) campagne te wensen overliet.
c. Kan ..... (3) die daar informatie over heeft alsjeblieft zijn of haar mond opentrekken?

- dit
- degene
- deze

 

Uitwerkingen

a. Theo legde dit vraagstuk in een handomdraai aan Annemarieke uit.
b. De president was het ermee eens dat de uitvoering van deze campagne te wensen overliet.
c. Kan degene die daar informatie over heeft alsjeblieft zijn of haar mond opentrekken?

Bekijk de uitleg bij dit voorbeeld

  Theorie

Uitdaging

Hoe spel je een aanwijzend voornaamwoord als de zin moeilijk is en er meerdere aanwijzende voornaamwoorden in staan?

Methode

Indien de zinnen langer worden en er meerdere aanwijzende voornaamwoorden in de zin staan, kan je nog steeds gewoon het overzicht toepassen van de verschillende vormen in de verschillende situaties.

 

                                                      Niet-zelfstandig                 Zelfstandig

Enkelvoud (bij het-woorden)   dit, dat, ginds, zulk, zo'n     dit, dat, datgene, hetgene, zulk, zo'n

Enkelvoud (bij de-woorden)    deze, die, zulke, zo'n           deze, die, degene, diegene

Meervoud                                    deze, die, zulke                     deze, die, degene(n), diegene(n), zulke(n)

 

Bekijk goed of het aanwijzend voornaamwoord zelfstandig is of niet-zelfstandig is. Beide vormen komen regelmatig voor in de Nederlandse taal. Indien het zelfstandig gebruikt is staat er dus niet bij naar welk zelfstandig naamwoord het aanwijzend voornaamwoord verwijst. Indien het niet-zelfstandig gebruikt is staat dit zelfstandig naamwoord meestal direct achter het aanwijzend voornaamwoord.

 

Onderwerpen bij dit boek

Dit zijn eigen Slimleren-onderwerpen, alfabetisch gerangschikt. Kies een onderwerp om onze uitleg of een voorbeeld te bekijken.

Klaar om te oefenen?

Kies na aanmelden je boek en oefen de onderwerpen die jij nodig hebt.

Bekijk de mogelijkheden