Schrijf het verkleinwoord van de volgende woorden op.
a. pot
b. stoel
c. aap
Uitwerking
a. pot + je = potje
Als de laatste klank klinkt als: k, f, g, p, s of t voeg je -je toe aan het woord.
b. stoel + tje = stoeltje
Als de laatste klank niet klinkt als: k, f, g, p, s of t voeg je vaak -tje toe aan het woord.
c. aap + je = aapje
Als de laatste klank klinkt als: k, f, g, p, s of t voeg je -je toe aan het woord.