Getal & Ruimte 2008, 2 vwo oefenen

editie 2008 · 2e klas Vwo · Wiskunde

Dit boek is beschikbaar in onze boekselector. De aansluiting betreft de gekoppelde Slimleren-onderwerpen, niet automatisch alle leerstof uit het boek.

Bekijk de onderwerpen bij dit boek

Zo oefen je Repeterende breuken en de streepnotatie

Een kijkje in ons eigen oefenmateriaal. Dit is geen opgave of uitwerking uit het schoolboek.

  Voorbeeldvraag

Schrijf de volgende breuken met de streepnotatie.

a. $$\frac{5}{11}$$

b. $$\frac{7}{9}$$

c. $$\frac{14}{27}$$

d. $$\frac{11}{24}$$

e. $$\frac{25}{48}$$

 

Uitwerking

a. $$\frac{5}{11} = 0,454545... = 0,\overline{45}$$

b. $$\frac{7}{9} = 0,777777... = 0,\overline{7}$$

c. $$\frac{14}{27} = 0,518518... = 0,\overline{518}$$

d. $$\frac{11}{24} = 0,458333... = 0,458\overline{3}$$

e. $$\frac{25}{48} = 0,5208333... = 0,5208\overline{3}$$

Bekijk de uitleg bij dit voorbeeld

  Theorie

Uitdaging

Sommige breuken hebben oneindig veel decimalen achter de komma. Als een groepje decimalen zichzelf herhaalt (of repeteerd), dan kun je de streepnotatie gebruiken.

In deze theorie leggen we je uit wat een repeterende breuk is en hoe je de streepnotatie gebruikt.

Methode

Je gebruikt de streepnotatie voor repeterende breuken. De deling $$\frac{15}{40}$$ komt uit op een mooi getal omdat het precies 3 decimalen achter de komma heeft: $$\frac{15}{40} =\frac{3}{8}= 0,375$$.

  • Sommige delingen hebben oneindig veel decimalen achter de komma. Soms herhaalt een groepje decimalen zich achter de komma. Een getal met zulke decimalen heet een repeterende breuk.

Voorbeelden:

$$\frac{2}{3} = 0,666...$$

$$\frac{44}{54} = 0,814814814...$$

Elk rationaal getal is te schrijven met decimalen. Voor repeterende breuken kunnen we een streepnotatie gebruiken.

$$\frac{6}{11} = 0,545454...$$ kan je schrijven als $$\frac{6}{11}$$ = $$0,\overline{54}$$.

Er staat een streep boven het rijtje decimalen wat steeds wordt herhaald.

Andere voorbeelden zijn:

$$\frac{44}{54} = 0,814814814... = 0,\overline{814}$$

$$\frac{7}{12} = 0,58333... = 0.58\overline{3}$$ Hier staat alleen een streep boven de 3 omdat alleen dat getal wordt herhaald.

Let op het verschil tussen $$ 0,\overline{583} = 0,583583583...$$ en $$0,5\overline{83} = 0,5838383...$$

Onderwerpen bij dit boek

Dit zijn eigen Slimleren-onderwerpen, alfabetisch gerangschikt. Kies een onderwerp om onze uitleg of een voorbeeld te bekijken.

Klaar om te oefenen?

Kies na aanmelden je boek en oefen de onderwerpen die jij nodig hebt.

Bekijk de mogelijkheden