PV en OW - opdelen
- Vind de persoonsvorm (en het gezegde)
- Vind het onderwerp: wie of wat + gezegde?
De uitleg is vrij te lezen. Oefenen kan met een Slimleren-lidmaatschap.
Theorie
Uitdaging
Hoe verdeel je een korte zin in de persoonsvorm en het onderwerp?
Methode
Volgorde
1 - Vind de persoonsvorm (en het gezegde)
2 - Vind het onderwerp
Persoonsvorm
De persoonsvorm is altijd een werkwoord. Je kan de persoonsvorm in iedere zin vinden op drie verschillende manieren:
1 - De vraagproef: Zij heeft. --> Heeft zij? --> heeft is de persoonsvorm
2 - De tijdproef: Wij spelen. --> Wij speelden. --> spelen is de persoonsvorm
3 - De getalproef: Ik kijk. --> Wij kijken. --> kijk is de persoonsvorm
Onderwerp
Het onderwerp in een zin geeft aan wie iets doet of wat er is. Als je het gezegde hebt gevonden dan kan je erachter komen wat het onderwerp is, door jezelf de volgende vraag te stellen:
wie of wat + gezegde?
Bijvoorbeeld: Zij slaan. --> Wie slaat? --> Zij is het onderwerp.
Vuistregels
Volgorde
- Vind de persoonsvorm (en het gezegde)
- Vind het onderwerp: wie of wat + gezegde?
Voorbeeldvraag
Deel de volgende zinnen op in de persoonsvorm en het onderwerp.
a. Ik zing
b. Mijn moeder slaapt
c. De politie achtervolgt
Uitwerking:
a. Ik - zing
- zing ik? (vraagproef)
--> zing = de persoonsvorm
- Wie zingt? (wie of wat + gezegde)
--> ik = het onderwerp
b. Mijn moeder - slaapt
- slaapt mijn moeder? (vraagproef)
--> slaapt = de persoonsvorm
- Wie slaapt? (wie of wat + gezegde)
--> mijn moeder = het onderwerp
c. De politie - achtervolgt
- achtervolgt de politie? (vraagproef)
--> zing = de persoonsvorm
- Wie achtervolgt? (wie of wat + gezegde)
--> De politie = het onderwerp
Verder oefenen met Slimleren
Oefen PV en OW - opdelen en andere onderwerpen op jouw niveau. Je krijgt direct feedback en uitleg bij je antwoorden, zodat je weet wat je al kunt en wat nog aandacht vraagt.
Zo werkt Slimleren