Tegenwoordige tijd (f en s)
De uitleg is vrij te lezen. Oefenen kan met een Slimleren-lidmaatschap.
Theorie
Uitdaging
Hoe schrijf je de verschillende vormen van de tegenwoordige tijd?
De werkwoordstam vind je door van het hele werkwoord -en af te halen. Maar sommige hele werkwoorden eindigen op -ven of -zen. Bij het maken van de stam verandert dan de v in de f en de z verandert in de s.
Methode
Kijk maar eens naar de vervoeging van het werkwoord blijven:
| ik (stam) | blijf |
| jij, je, u | blijft |
| hij, zij, u, het | blijft |
| wij, we | blijven |
| jullie | blijven |
| zij, ze | blijven |
Onthoud: een ander (mens, dier of ding) krijgt altijd een t, behalve als er je of jij achter het werkwoord staat: geef jij, wijs jij, kerf je, hoos jij…
Verder oefenen met Slimleren
Oefen Tegenwoordige tijd (f en s) en andere onderwerpen op jouw niveau. Je krijgt direct feedback en uitleg bij je antwoorden, zodat je weet wat je al kunt en wat nog aandacht vraagt.
Zo werkt Slimleren